DonerenNieuwsbrief
HomeActueelNieuws

Van anonieme meldingen tot risico‑databases: zo kan de EU dwangarbeid beter aanpakken

CNV Internationaal doet aanbevelingen voor uitvoering Forced Labour Ban

Op basis van de ervaringen van vakbondspartners in Afrika, Azië en Latijns-Amerika heeft CNV Internationaal aanbevelingen geleverd voor de implementatie van de nieuwe EU-verordening tegen dwangarbeid. Deze EU Forced Labour Regulation moet voorkomen dat producten die met gedwongen arbeid zijn gemaakt nog op de Europese markt terechtkomen. Daarbij is het van groot belang dat vakbonden structureel worden betrokken bij toezicht, onderzoek en handhaving, juist omdat dit de kans op succesvolle opsporing én daadwerkelijke bestrijding van dwangarbeid aanzienlijk vergroot.

Getuigenissen van werknemers als volwaardig bewijs

CNV Internationaal benadrukt dat getuigenissen van werknemers en vakbonden geaccepteerd moeten worden als volwaardig bewijs. Dwangarbeid is vaak onzichtbaar en vindt plaats in gesloten systemen waar slachtoffers geen documenten of officiële contracten kunnen laten zien.

Daarom is het essentieel dat ook aanvullende bronnen meetellen, zoals:

  • ILO‑rapporten
  • risicodatabases over sectoren of productielanden

Deze informatie geeft een betrouwbaarder beeld van situaties waar dwangarbeid speelt.

Wat is dwangarbeid?

Dwangarbeid – ook wel gedwongen arbeid – wordt door de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) gedefinieerd als “alle arbeid of dienst die van iemand wordt geëist onder dreiging van een straf en waarvoor die persoon zich niet vrijwillig heeft aangeboden.”
Het gaat om situaties waarin mensen niet vrij zijn om werk te weigeren of te verlaten, bijvoorbeeld door intimidatie, misleiding, schuldafhankelijkheid, het inhouden van identiteitsdocumenten, of dreiging met ontslag, geweld of juridische stappen. 

Wereldwijd zitten naar schatting 27,6miljoenmensen vast in dwangarbeid, volgens het meest recente ILO onderzoek.
Daarvan:

  • 17,3miljoen in de private sector (zoals landbouw, industrie, huishoudelijk werk)
  • 6,3miljoen in gedwongen seksuele uitbuiting
  • 3,9miljoen in door de staat opgelegde dwangarbeid

Daarnaast zijn 12% van deslachtofferskinderen, en lopen migrantarbeidersdriekeerzoveelrisico op uitbuiting.

Dwangarbeid is niet alleen een ernstige schending van mensenrechten, maar ook een systeem dat jaarlijks naar schatting 236miljarddollar aan illegale winst genereert.
De grootste concentratie slachtoffers bevindt zich in Azië (ongeveer 15,1miljoenmensen). 

Deze cijfers laten zien dat dwangarbeid wereldwijd nog altijd wijdverspreid is. Sterke Europese regelgeving, zoals de nieuwe EU‑verordening tegen dwangarbeid, is noodzakelijk om deze praktijken zichtbaar te maken, aan te pakken en terug te dringen.

Bescherming van melders is cruciaal

Werknemers moeten anoniemenveilig melding kunnen maken zonder angst voor represailles van werkgevers of overheden.

Daarnaast is een gender‑ eninclusievebenadering noodzakelijk, omdat vrouwen, migranten, jongeren en andere kwetsbare groepen extra risico lopen op uitbuiting en dwangarbeid.

Non‑cooperation clausule: gelijk speelveld in handhaving

CNV Internationaal pleit voor opname van een non‑cooperation clausule. Wanneer bedrijven niet meewerken of informatie achterhouden, mogen zij daarvan geen voordeel hebben. In zulke gevallen moeten toezichthouders een lagerebewijsdrempel kunnen hanteren. Dit stimuleert openheid en voorkomt strategische vertragingstactieken.

Waarom vakbonden essentieel zijn bij het opsporen van dwangarbeid

Vakbonden spelen een onmisbare rol bij het opsporen, herkennen en voorkomen van dwangarbeid. Zij staan dagelijks in direct contact staan met werknemers. Daardoor weten ze precies weten hoe lokale arbeidsomstandigheden zijn. Bovendien beschikken zij over specifieke informatie die bij bedrijven, auditors of overheden vaak ontbreekt. 

Hierdoor signaleren zij misstanden sneller en realistischer dan formele controlemechanismen. Bovendien helpen vakbonden werknemers bij de overgang van informeel naar formeel werk, wat hun bescherming versterkt en de kans op uitbuiting verkleint. 

Structurele betrokkenheid van vakbonden bij toezicht, onderzoek en handhaving is daarom essentieel om dwangarbeid effectief terug te dringen én om te waarborgen dat slachtoffers veilig en gehoord melding kunnen doen.

Capaciteitsopbouw onmisbaar voor effectieve uitvoering

Capaciteitsopbouw is onmisbaar voor een effectieve uitvoering van de EU‑verordening tegen dwangarbeid, omdat lokale vakbonden en werknemersvertegenwoordigers in veel productielanden vaak onvoldoende middelen, training of juridische bescherming hebben om misstanden veilig te signaleren. 

Zonder investeringen in hun vaardigheden – zoals kennis van due diligence‑processen, documentatie van schendingen, of het veilig doorverwijzen van slachtoffers – blijft een groot deel van de dwangarbeid onder de radar. 

Bovendien zorgt capaciteitsopbouw ervoor dat werknemers beter begrijpen welke rechten zij hebben en hoe zij die kunnen claimen, wat de weerbaarheid tegen uitbuiting verhoogt.

 

Meer weten? Aanbevelingen zoals ingebracht door CNV Internationaal geleverd voor de implementatie van de nieuwe EU-verordening tegen dwangarbeid. 

 

Gratis nieuwe IMVO modules ondersteunen bedrijven

Een voorbeeld hiervan is een gratis IMVO‑module van het toekomstige Verbond voor Duurzame Kleding, Textiel en Schoenen'. In dit verbond dat op stapel staat, werken INretail, MODINT, FNV, Mondiaal FNV, CNV Internationaal en verscheidene andere partners samen met bedrijven om risico’s in de internationale productieketen aan te pakken. De coördinatie is in handen van de Sociaal Economische Raad SER.

Meer informatie en aanmelden.

Publicatiedatum 16 03 2026