DonerenNieuwsbrief
HomeOns werk

Togo - Steeds minder vast werk

Adrien Akouete is leider van vakbondsorganisatie CSTT. Al jaren zet hij zich in voor arbeidsrechten in Togo, een land van zowat zes miljoen inwoners aan de Westkust van Afrika.
“De vakbondsvrijheid bestaat wel in Togo. De situatie is nog niet zo erg als in Colombia of Guatemala, waar vakbondsleiders regelmatig worden vermoord. Maar er zijn toch heel wat problemen vandaag de dag. Je kan in Togo zomaar in de gevangenis worden gezet of met geweld te maken krijgen. Het gaat er niet aan toe zoals in de meeste Europese landen, waar er sowieso respect is voor mensenlevens. Je nek uitsteken
Nee, in Afrikaanse landen is vakbondsleider zijn geen lachertje. Je moet je nek uitsteken. Maar daarom mogen we niet opgeven! Het is een strijd die onze ouders voerden, en wij moeten diezelfde strijd voeren voor de toekomstige generaties.” Adrien kan erover meepraten. Hij kent de risico’s van het vak en werd een aantal jaren geleden zelf al achter de tralies gezet. “Op zo’n moment ben je blij dat we als vakbond zijn aangesloten bij een wereldvakbondsorganisatie. Want dankzij internationale druk werd ik snel vrijgelaten. Vandaag de dag gaat het er gelukkig al heel wat beter.” Beter, maar nog niet zoals het hoort. Arbeidsrechten en vakbondsvrijheden worden nog steeds met de voeten getreden. “Dat is het grote probleem in Afrika. Afrikaanse leiders ratificeren de fundamentele arbeidsconventies van Internationale Arbeidsorganisatie wel, maar ze respecteren ze niet.   Ook in Togo is dit het geval. Daarom lobbyen we met de vakbond bij de overheid. Maar het is niet eenvoudig om deze arbeidsrechten af te dwingen. Ons belangrijkste wapen is zeker sociale druk. We moeten regelmatig veel druk uitoefenen, soms ook door de straat op te gaan. Pas dan is de overheid bereid om in discussie te gaan. Daarnaast moeten we ook de werkgevers in de bedrijven verplichten om de arbeidsnormen te respecteren. Want pas als deze rechten echt gerespecteerd worden, zal er meer sociale rust. Dan zullen werknemers vanzelf productiever zijn.” Daarbij is de steun van internationale vakbondsorganisaties belangrijk. Maar ook van de ILO, de VN organistie voor arbeid. Het is de ILO, in overleg met overheid, werknemers- en werkgeversorganisaties de arbeidsnormen vastlegt en kijkt hoe het gaat met de naleving ervan. “In Afrika betekent de Internationale Arbeidsorganisatie veel voor werknemers. Het is dé instantie bij uitstek om schendingen van vakbondsrechten aan te klagen. Onze regeringen willen uiteraard liever niet dat de ILO hen ter verantwoording roept. Ik ben persoonlijk zeer blij dat de ILO bestaat. Anders zou de deur openstaan voor allerlei misbruik.” Armoede en ongelijkheid groeien
Grootste probleem in Afrika is dat er steeds minder vast werk is in de formele economie. Daardoor neemt armoede en ongelijkheid toe. Mensen proberen op allerlei manieren toch in een inkomen te voorzien. Maar vooral jongeren en vrouwen zijn de dupe. ‘ Want tot op vandaag moeten we helaas vaststellen dat de grote meerderheid van de armen nog steeds vrouwen zijn.’   In Togo zijn ze blij nu speciaal voor deze jongeren projecten kunnen starten. Projecten die mogelijk zijn dankzij het geld dat nu wordt bijeengebracht door de leden van CNV Vakmensen. Want dankzij die steun kan de vakbond nieuwe wegen zoeken om vooral jonge werkzoekenden te helpen een eigen inkomen te verwerven. Werkloze schoolverlaters  die een eigen bedrijfje willen opstarten als kapper, kleermaker of monteur hebben kunnen dankzij de vakbond hun kans op succes vergroten. Zij krijgen trainingen om een ondernemingsplan te maken en leren hoe ze hun bedrijf financieel gezond kunnen houden. Meer

Publicatiedatum 30 03 2010