DonerenNieuwsbrief
HomeOns werk

Weblog |Panama

Verhaal

Van staking naar sociale dialoog in Mali

Lees meer

In Panama is een nieuwe organisatie opgericht voor vakbonden in heel Amerika van Alaska tot Vuurland. Leon Meijer is er namens het CNV bij, samen met Marionne Lips en doet verslag.
Weblog 1 - Wereldfusie doorgevoerd op regionaal niveau
Panama, 25 maart 2008. KLM opent een rechtstreekse vlucht op Panama City. De vluchten beginnen ... op 31 maart. Handig, maar net te laat voor ons. Wij vliegen nog op de ouderwetse route via New York. Daar moeten we een sprintje trekken  om de verbindende vlucht te halen. Het is bijna nacht als we in Panama-city aankomen. In de bus van het vliegveld naar de stad verbaas ik me over de wolkenkrabbers waar de stad mee bezaaid is. Glimmende kantoorpanden staan in schril contrast met de officiële cijfers die melden dat 40% van de Panamezen in armoede leeft. 50 miljoen werkers
In Panama wordt deze week de CLAT opgeheven. Met deze regionale organisatie van vakbonden in Zuid en Midden Amerika heeft het CNV al decennia goede contacten. CLAT is een identiteitsgebonden koepel van vakbonden. Tegelijk met CLAT eindigt ook ORIT, de koepel van socialistisch georiënteerde vakbonden in Zuid, Midden en Noord Amerika. De meeste bonden die lid zijn van CLAT en ORIT gaan vervolgens samen verder onder één nieuwe koepel, de Trade Union Confederation of the Americas. Een koepel die meer dan 50 miljoen werkers vertegenwoordigt en ruim 70 verschillende vakbonden uit alle landen van het Amerikaanse continent. De finale van het fusieproces
In november 2006 fuseerden op wereldniveau de twee grote vakbondskoepels: het socialistisch georiënteerde IVVV en de identiteits (waaronder Christelijke) georiënteerde WVA. Samen richtten zij de ITUC op, een vakbondskoepel die wereldwijd 170 miljoen werkers vertegenwoordigt. In het afgelopen jaar is deze fusie ook op regionaal niveau doorgevoerd in Azië en Afrika. In Europa was er al één organisatie. De fusie in de Amerika’s is dus de finale van het fusieproces.
Weblog 2 – Vrijhandelsakkoorden samen aanpakken

Panama, 26 maart 2008. Mijn Spaans komt niet veel verder dan hola, si en gracias. Gelukkig ervaren mijn Latijns Amerikaans collega’s dat niet als een handicap. Latino’s zijn meesters in je het gevoel geven dat je welkom bent. De hele dag door krijg ik bemoedigende klopjes op de rug en knipogen. Hier kun je je niet snel verloren voelen. En als ik wat verlegen op zoek ga naar de koffie duiken er opeens Nederlands sprekende vakbondsleiders uit Aruba en Curaçao op om me te helpen.
Namens het CNV mag ik het congres toespreken. CLAT bestaat 54 jaar. Een halve eeuw waarin de aangesloten vakbonden elkaar geholpen hebben bij de bestrijding van dictatoriale regimes. Een periode waarin hechte banden tussen vakbondsleiders uit de verschillende Latijns Amerikaanse landen zijn ontstaan. Ik moedig de mensen aan om het enthousiasme waarmee ze binnen CLAT werkzaam waren mee te nemen de nieuwe organisatie in. CLAT houdt wel op te bestaan, maar jullie gedrevenheid, het opkomen voor de rechten van werknemers niet. De vijand is te groot om alleen te bestrijden
Opheffing brengt de nodige emotie met zich mee. “Maar we kunnen niet anders”, pleit Julio Roberto Gómez, vakbondsleider uit Colombia en voorzitter van CLAT. “De vijand is te groot om alleen te bestrijden.” Grenzen, ook op het Amerikaanse continent, vervagen. Vrijhandelsakkoorden die geen rekening houden met de rechten van werknemers, moeten gezamenlijk aangepakt worden. De vakbonden kunnen het zich niet langer permitteren om regionaal gescheiden op te trekken. Morgen begint de toekomst
Na een lange dag van toespraken, stemmingen, verklaringen, houdt CLAT aan het begin van de avond op te bestaan. Met twee stemmen tegen, eindigt een halve eeuw vakbondsgeschiedenis. Morgen begint de toekomst.

Panama, donderdag 27 maart. Het is even wennen. Gisteren, bij het opheffen van CLAT zaten we met zo’n 200 mensen in een zaal. Vandaag, bij het oprichten van de Amerikaanse koepel van vakbonden (TUC Amerika’s) zitten we met bijna 500 mensen in een immense zaal. Met video schermen hebben we goed zicht op de sprekers en de tafel met voorzitters. Overal lopen mensen met oortjes in, want de president van Panama, Martin Torrijos Espino, komt het congres toespreken. Hij feliciteert de vakbonden met deze historische stap en somt in korte tijd de zegeningen van Panama op. Overheidsplannen die met hulp van de vakbonden tot stand zijn gekomen: onderwijs voor iedereen, een aanpassing van de lonen in verband met de stijgende energiekosten, meer werkgelegenheid. Buiten de zaal waarschuwt een collega van een Panamese vakbond ons, om niet met een treintje naar het Panama Kanaal te gaan kijken. Te gevaarlijk, bendes doen de ronde. Van een journalist horen we van de problemen aan de grens met Colombia. En op het Panamese nieuws zien we auto’s doorzeefd met kogels, drugskoeriers. Open grenzen mogen niet ten koste gaan van menswaardig werk
Maar het gaat vandaag niet over de situatie in Panama, al kun je het de president van dit land niet kwalijk nemen, dat hij reclame maakt. Het gaat vandaag om een organisatie die alle vakbonden in Zuid, Midden en Noord Amerika verbindt en vertegenwoordigt. De TUCA moet een volwaardige gesprekspartner worden van inter Amerikaanse organisaties. Een organisatie die onder andere betrokken moet worden bij de afspraken in de vrijhandelsakkoorden tussen Noord en Zuid. Die akkoorden houden namelijk veel te weinig rekening met de rechten van werknemers. Het is prima dat grenzen opengaan voor handel, zolang het recht op menswaardig werk en inkomen daar niet de dupe van zijn.  
Weblog 4 – Vakbondswerk op andere golflengte
Panama, vrijdag 28 maart. Triple band mobiele telefoons zijn handig in de VS, maar hier in Panama helpt het aantal banden op je mobiel je geen zier. De Panamezen zitten met hun mobiele telefoons op een andere golflengte. Een Panamese simkaart heeft dus ook geen zin. Gelukkig zit er tegenover het hotel een internet en belwinkel. En tot mijn stomme verbazing kost een telefoontje naar Nederland slechts 10 dollarcent per minuut. Eindelijk even contact met het thuisfront, met het laatste Nederlandse nieuws: de film van Wilders is uit. Misschien heeft dat nieuws het Midden Oosten nog gehaald, hier in Midden Amerika, maakt het geen indruk. Zezitten hier op een andere golflengte. Vandaag volgt het ene gesprek na het andere met vertegenwoordigers van vakbonden waar het CNV projecten van steunt. Intensief en boeiend en onvergelijkbaar met de situatie van de vakbonden in Nederland. In Colombia zijn vakbondsleiders vaak het doelwit van aanslagen. In Paraguay haalt de vakbond CNT kinderen van straat die gevaar lopen in de prostitutie te verdwijnen. In Chili komt de vakbond CAT op voor werknemers in het Noorden. Er is alleen één probleem, het is 1800 km rijden vanaf het kantoor in Santiago.
In sommige sectoren wordt geen contributie geheven, want wat kun je vragen van iemand die maar 1 dollar per dag verdient? Vakbonden hebben nog flinke weg te gaan
In landen als Chili en Brazilië waar een behoorlijke economische groei plaats vindt, is het slecht gesteld met de inkomensverdeling. Een rijke toplaag die snel veel meer verdient en een grote groep armen die er niet op vooruit gaat. Dat deze landen ondertussen stijgen op de lijst van landen met een goed inkomen, zegt dus niets over de verdeling van de welvaart. Het verdwijnen van de meeste dictaturen in dit deel van de wereld heeft er nog niet toe geleid dat de sociale dialoog – waarbij werkgevers, werknemers en de overheid een constructief overleg voeren – al ingevoerd is. Grote bedrijven blijken oppermachtig en kunnen het zich permiteren om arbeidsrechten aan hun laars te lappen. De vakbonden hebben nog een flinke weg te gaan. Terecht dat het CNV een helpende hand biedt.    Leon Meijer

Leon Meijer is beleidsadviseur van CNV Internationaal, Marionne Lips is programma medewerker van CNV Internationaal. Beiden zijn namens het CNV deze week aanwezig bij de opheffing van de CLAT en de oprichting van TUC Amerika in Panama.
 

Publicatiedatum 31 03 2008