Vakbonden voor sociale dialoog - Programma's - Ons werk - CNV Internationaal

 

Vakbonden voor sociale dialoog

 

Het CNV Internationaal Vakbondsmedefinancieringsprogramma 2017-2020

 

Stichting CNV Internationaal is een maatschappelijke organisatie die deel uitmaakt van het Christelijk Nationaal Vakverbond (CNV) in Nederland. Vanaf de oprichting in 1967 werkt CNV Internationaal samen met vakbonden in ontwikkelingslanden. Samen met haar partnerorganisaties beschermt en bevordert CNV Internationaal de rechten van werknemers via een coherent overlegmodel, dat is gebaseerd op het christelijk sociaal gedachtegoed. Sociale dialoog, pluralisme en de eigen verantwoordelijkheid van werknemers staan hierbij centraal. De missie van CNV Internationaal is om bij te dragen aan 'Decent Work' (fatsoenlijk werk) in ontwikkelingslanden door de positie van werknemers in de (in)formele economie te versterken. CNV Internationaal richt zich op de sociale dialoog, de rechten van de werknemers in toeleveringsketens en de inzetbaarheid van jongeren.

 

Trends en uitdagingen 

Huidige wereldwijde trends en uitdagingen wijzen op de noodzaak van Decent Work en het vakbondsmedefinancieringsprogramma (VMP). Armoede, in combinatie met kwetsbaar werk, leidt in hoge mate tot ongelijkheid binnen landen en draagt bij aan een groot aantal werkende armen met beperkte toegang tot fatsoenlijk werk. Vrouwen en kinderen worden hierdoor onevenredig zwaar getroffen. Hoewel de ongelijkheid tussen landen afneemt, neemt de ongelijkheid binnen landen juist toe. Hoge aantallen jonge mensen zijn werkloos of hebben een baan zonder zicht op verbetering. De wereldwijde werkloosheid onder jongeren is verontrustend hoog, wat kan leiden tot sociale onrust en grote migratiestromen. 

 

Doelstellingen 2017 – 2020

Er is een groeiende consensus dat economische ontwikkeling, als deze niet inclusief is, niet voldoende is om armoede terug te dringen. Eén manier om uit armoede te komen en de eerste stappen te zetten richting het tegengaan van ongelijkheid, is om meer arme mensen toegang te bieden tot fatsoenlijke arbeids- en levensomstandigheden. Het nieuwe VMP 2017 – 2020 richt zich op het aanpakken van de belangrijkste trends en uitdagingen die op dit moment wereldwijd spelen: armoede, ongelijkheid en (jeugd)werkloosheid. Het programma draagt ook bij aan de implementatie van de Duurzame Ontwikkelingsagenda van 2030, de 'Decent Work Agenda' van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) en de basisprincipes van de Verenigde Naties. 

 

Drie resultaten 

Het Vakbondsmedefinancieringsprogramma 2017 – 2020 van CNV Internationaal bouwt voort op de lessen die zijn geleerd uit het huidige programma, 'A World that Works', en op eerdere ervaringen. Het programma gaat uit van de belangrijkste behoeften van de regio's waarop het nieuwe Programma zich richt. Het VMP 2017 - 2020 vormt echter een totaal ander programma dan het voorgaande. 

 

Er zijn drie langetermijnresultaten vastgesteld: 

  1. het versterken van de sociale dialoog, 
  2. het verbeteren van de rechten van de werknemers in toeleveringsketens,
  3. het vergroten van de inzetbaarheid van jongeren. 

 

Om ervoor te zorgen dat de vakbonden effectief kunnen deelnemen aan de sociale dialoog (in het algemeen, in de keten en bij de aanpak van de inzetbaarheid van jongeren) is er een tussentijdse uitkomst geformuleerd: 'het versterken van de capaciteit van vakbondspartners'. 

aanpak 

Deze resultaten dragen bij aan het overkoepelende doel van het programma, namelijk 'het verminderen van ongelijkheid en het vergroten van inclusief bestuur op het gebied van werkgelegenheid, inkomens en inclusieve economische ontwikkeling, wat leidt tot een eerlijkere verdeling van inkomens en rijkdom onder alle mensen.' Om dit te bereiken, verandert CNV Internationaal haar werkmethode van een bi- naar een multilaterale aanpak. Regionale (en indien nodig intercontinentale) samenwerking staat centraal in het werkmodel, waarbij CNV Internationaal als bemiddelaar, facilitator en trekker optreedt. Financiering wordt verstrekt voor gezamenlijke thema's in een regionale context. 'Preferred partners' zullen worden aangewezen, die een belangrijke rol spelen in gezamenlijk leren en projectmanagement. 

Theory of Change

CNV Internationaal heeft haar veranderingsstrategie opgenomen in het VMP 2017 - 2020. Centraal staat de sociale dialoog, waarin vakbonden een unieke positie hebben als sociale partners en representatieve ledenorganisaties, die de mogelijkheid hebben om bindende overeenkomsten te sluiten. Sociale dialoog is zowel een doel op zich als een middel om bepaalde doelstellingen te realiseren. Deze aanpak is de belangrijkste toegevoegde waarde van CNV Internationaal aan het nieuwe programma. Effectieve sociale dialoog vermindert ongelijkheid, verleent legitimiteit en draagvlak aan overheidsbeleid en vergroot deelname aan de democratie op basis van verantwoordelijkheid, transparantie en toezicht op het beleid. Bovendien zijn afspraken die tot stand komen via sociale dialoog duurzaam vanwege de onderhandelingen die eraan ten grondslag liggen.

Resultaat 1: Het versterken van de sociale dialoog 

Om de sociale dialoog te versterken, zijn verschillende tussenstappen nodig. Ten eerste moet de overheid zorgen voor de nodige infrastructuur om sociale dialoog te kunnen voeren. Dit is van cruciaal belang: zonder goede infrastructuur kan er nauwelijks een doeltreffende sociale dialoog plaatsvinden. Ten tweede moeten de sociale partners overeenstemming bereiken over het mandaat van de gesprekspartners en de fundamentele vrijheden, zoals die zijn vastgelegd door de ILO, respecteren. De sociale partners moeten elkaar vertrouwen om afspraken te kunnen maken. Gedegen voorstellen door vakbonden, bekwame en goed voorbereide onderhandelaars en toegewijde sociale partners tijdens de implementatie van beleid en de uitvoering van afspraken zijn essentieel voor het creëren van vertrouwen en een klimaat waarin de sociale dialoog kan gedijen. 

Waar nodig zullen CNV Internationaal en haar partnerorganisaties specifieke strategieën toepassen op het gebied van belangenbehartiging, waarmee tegelijkertijd aan de voorwaarden voor sociale dialoog wordt voldaan en onderhandelingen kunnen worden beïnvloed. CNV Internationaal en de vakbondspartners hanteren de 'insider approach' (informele aanpak) ten opzichte van besluitvormers: er worden strategieën toegepast die gericht zijn op constructieve argumenten, gezamenlijk leren, samenwerken en overtuigen.

Als deze aanpak geen resultaat oplevert, wordt de 'outsider approach' toegepast, d.w.z. campagne voeren, confronteren, het afdwingen van veranderingen enz. 

Resultaat 2: Het verbeteren van de rechten van werknemers in de toeleveringsketens

Dit tweede resultaat is gericht op de volgende rechten van laagbetaalde arbeiders in de toeleveringsketens in de particuliere sector (formele en informele arbeiders): het recht om zich te organiseren en collectief te onderhandelen, het recht op een fatsoenlijk loon, het recht op veilige en respectvolle arbeidsomstandigheden, het recht op gelijke behandeling van mannen en vrouwen en het recht van vrijwaring van discriminatie op de werkplek. CNV Internationaal streeft naar het verbeteren van de arbeidsrechten in de volgende sectoren:

de textielsector, het bankwezen, de voedingsmiddelenindustrie, de bouw, de hout- en metaalbewerkingsindustrie en mogelijk de mijnbouw. In deze sectoren bevindt CNV Internationaal zich in een goede uitgangspositie om de besluitvorming ten gunste van de werknemers te beïnvloeden. 

Om de arbeidsrechten in deze sectoren te verbeteren, zijn verschillende tussenstappen gedefinieerd. In de eerste plaats worden bedrijven door middel van acties van consumenten, vakbonden, ngo's en bedrijfs-/werkgeversorganisaties gewezen op de voordelen van verantwoordelijk handelen, wat hen ertoe aanzet om in overeenkomsten over 'Human Rights Due Diligence' (HRDD) te onderhandelen. Ten tweede zijn de Nederlandse convenanten, waarover momenteel wordt onderhandeld in overleg met verschillende stakeholders, een belangrijk instrument voor vooruitgang. De genoemde sectoren vormen het uitgangspunt voor interventies met multinationals en/of kleine tot middelgrote ondernemingen in deze (in)formele toeleveringsketens. Ten derde pleit het VMP 2017-2020 voor ratificatie en naleving van ILO-conventies en het formuleren van aanbevelingen in het geval van rechtenschendingen. 

Daarnaast moet worden gecontroleerd of overheden nationale actieplannen inzake het bedrijfsleven en mensenrechten ontwikkelen en uitvoeren in samenwerking met Europese en nationale parlementen. Bovendien moeten de onderhandelingen over en implementatie van de EU-vrijhandelsovereenkomsten worden gemonitord, in het bijzonder met het oog op het instellen van toezichthoudende mechanismen door middel van interne adviesgroepen ('Domestic Advisory Groups' of DAG's), het Europees Verbond van Vakverenigingen (EVV) en het Europees Parlement.

Resultaat 3: Het vergroten van de inzetbaarheid van jongeren 

Dit resultaat is erop gericht om de toegang tot fatsoenlijk werk voor kansarme jongeren te verbeteren door actief deel te nemen aan beleidsoverleg inzake de inzetbaarheid van jongeren en de ontwikkeling van persoonlijke vaardigheden. Ook de betrokkenheid van de particuliere sector aangaande beroepsopleidingen en stageprogramma's is relevant. Er zijn verschillende tussenstappen nodig om dit resultaat te bereiken. Vakbonden en jeugdorganisaties moeten onderhandelingsvermogen opbouwen, dat ze nodig hebben om overheden te overtuigen beleid te ontwikkelen op het gebied van de inzetbaarheid van jongeren. Overheidsbeleid moet inspelen op de behoeften en belangen van jongeren en gebaseerd zijn op overleg met vakbonden en jongerenorganisaties. Verder moet er geld opzij worden gezet voor de uitvoering van initiatieven en programma's gericht op de inzetbaarheid van jongeren. 

Vakbonden moeten zich sterk maken voor jongeren, zodat er meer aandacht komt voor de inzetbaarheid van jongeren in de onderhandelingen met de particuliere sector. Initiatieven vanuit meerdere stakeholders op het gebied van inzetbaarheid zijn nodig om programma's van werkgevers, gericht op de ontwikkeling van vaardigheden, aan te moedigen. Hierdoor wordt de rol van de particuliere sector verder vergroot. Dit zal bedrijven er ook toe aanzetten hun aandeel te leveren in het vergroten van de inzetbaarheid van jongeren. In het nieuwe programma wordt bijzondere aandacht besteed aan de vertegenwoordiging van jonge (potentiële) werknemers in de sociale dialoog. 

Tussentijds resultaat: het opbouwen van capaciteit 

Samenvattend draagt de focus op sociale dialoog in het VMP 2017 - 2020 bij aan het versterken van de sociale dialoog (resultaat 1), het verbeteren van de arbeidsrechten (resultaat 2) en het vergroten van de inzetbaarheid van jongeren (resultaat 3). Hieraan voorafgaand moeten de vakbondspartners hun capaciteiten opbouwen (tussentijds resultaat). CNV Internationaal heeft daarom besloten haar methode te veranderen, van een bilateraal naar een regionaal model. Gezamenlijk leren en het (over de grenzen heen) uitwisselen van ervaringen tussen partnerorganisaties blijken een zeer positief resultaat te hebben op nationaal niveau. Het nieuwe programma zal deze 'driehoeks'-aanpak verder versterken. CNV Internationaal richt zich ook specifiek op de ontwikkeling van leiderschap. 

Onder het huidige VMP is een uitgebreid leiderschapsprogramma ontwikkeld, dat de komende vier jaar met alle partners zal worden uitgerold. Ook financieel beheer zal centraal staan, om de financiële afhankelijkheid van partnerorganisaties te verminderen. CNV Internationaal heeft de afgelopen jaren diverse interventies ontwikkeld om de eigen financieringscapaciteit van partnerorganisaties te versterken, zoals het verbeteren van financieel beheer binnen organisaties, het verbeteren van ledenregistratiesystemen (met tegelijkertijd een toename van het aantal betalende leden), de ontwikkeling van financieringsstrategieën, gezamenlijke fondsenwerving door de betrokken instellingen en de ontwikkeling van fondsenwervingscapaciteiten. 

Deelnemende landen

CNV Internationaal is actief in de regio’s Zuidoost-Azië, West- en Noord-Afrika en Latijns-Amerika. CNV Internationaal werkt in het VMP 2017-2020 de samen in Afrika met partnerorganisaties in Benin, Mali, Niger en Senegal. In Azië met Cambodja en Indonesië en in Latijns-Amerika met Colombia en Guatemala, Bolivia, Nicaragua en Peru. 

Benutten van kennis

Tot slot richt het programma 2017-2020 zich op het benutten van de kennis die tijdens het programma is vergaard. De waardevolle resultaten van het programma worden door middel van een geïntegreerd proces verzameld, om de successen van het voorgaande VMP te kunnen delen onder de voornaamste stakeholders en kennis hierover te kunnen verspreiden. Het benutten van kennis houdt ook in het (her)gebruiken en/of overdragen van deze resultaten. Sociale media en de website van CNV Internationaal worden ingezet als toegankelijke platforms om onderzoeksrapporten te delen en kennis en resultaten te verspreiden. 

 

 

Cookies op cnvinternationaal.nl

Deze website maakt gebruik van cookies. Wat betekent dit?

Wij gebruiken cookies om het gebruiksgemak voor onze bezoekers te verhogen en een gepersonaliseerd ervaring te bieden aan elke gebruiker. Door middel van cookies onthouden we uw voorkeuren en meten we gebruikersinteractie. Een cookie kan geen persoonlijke informatie bevatten, zoals een telefoonnummer of e-mailadres, zodoende kunnen cookies dus niet gebruikt worden voor ongevraagde telemarketing of e-mail nieuwsbrieven. Meer informatie over cookies vindt u in ons cookie beleid.

Ik ga akkoord